Mijn kinderen hockeyen allemaal, maar mijn zoon begon zijn sportcarrière bij een voetbalclub die menigmaal amateurkampioen is geweest. Die clubervaring is me altijd is bijgebleven, vooral omdat de jeugdopleiding destijds een flinke knauw kreeg toen de jeugd coördinator woedend opstapte. Het bestuur vergeleek het probleem met een stevige grote boom die steeds meer schaduw wierp, dat eronder steeds minder groeide. Een enthousiaste energieke man die alles naar zich toetrok en steeds meer mopperde dat hij alles alleen moest doen, omdat anderen zich minder voor de zaak inzette. Hij maakte overuren en overuren, raakte gefrustreerd en uiteindelijk haakten de overige vrijwilligers één voor één af, waardoor hij alleen overbleef. In werkelijkheid waren een groot aantal ouders best bereid zich in te zetten, maar hun inzet moest naast al hun andere officiële verplichtingen gebeuren. Dat ze hun prioriteiten soms anders legden dan de jeugd coördinator betekende niet dat ze niet hun stinkende best deden en geen vrije tijd gaven aan de club.
Met vallen en opstaan heb ik vaak gedacht aan die jeugd coördinator. Natuurlijk moet een leider inspireren en enthousiasmeren, maar het is minstens zo belangrijk om een team rond zich te vormen én te behouden. Een goed team dat uitvoering wil blijven geven aan die inspiratie, in staat is om beslissingen te nemen, en niet altijd terugvalt op beslissingen van de bestuurder. Dat vraagt om delegeren, eigenaarschap geven en vertrouwen hebben dat het goed komt, ook als anderen soms andere keuzen maken.
Een inspirerende gemotiveerde leider kan een boom tot grote hoogte laten groeien, maar die boom heeft voeding van onderaf nodig om te blijven bloeien. Dat vraagt om ruimte voor zonneschijn, niet om een allesoverheersende schaduw.
vrijdag, februari 18, 2011
EIGENAARSCHAP
vrijdag, december 17, 2010
BEVLOGENHEID
Het Aravind oogziekenhuis in Madurai, Zuid-India, is het grootste oogziekenhuis ter wereld. Wat daar gebeurt is indrukwekkend: jaarlijks zo'n 300.000 cataractoperaties, maar vooral hoe ze het daar doen; kwalitatief hoogwaardige oogheelkundige zorg met de efficiëntie die doet denken aan Mc Donalds. Maar het meest indrukwekkend is echter waarom ze het daar zo deden: om zoveel mogelijk oogpatiënten, vooral arm én soms rijk, te kunnen helpen geïnspireerd door de filosofie van oprichter Dr Venkataswamy. Hij stelde: "Als we groeien in spirituele bewustzijn, worden we één met alles om ons heen. Zorg verlenen is geen exploitatie; we helpen en genezen uiteindelijke onszelf." Die kenmerkende bevlogenheid van inspirerende leiders geeft richting en betekenis aan ons werk.
De natuur herinnerde ons dit jaar aan haar kracht: de aardbeving in Haïti, de aswolk door de vulkaanuitbarsting in IJsland, de Chileense mijnramp. Het was dit jaar zonneklaar, de natuur domineert de mens. Diezelfde mens dacht slimmer is te zijn dan de natuur, maar leert steeds meer van haar, zoals technici en ontwerpers. De neus van de TGV-trein is geïnspireerd op de ijsvogel, die zonder spatten het water induikt. De TGV lukt het om met zijn bijzondere neus met hoge snelheid, knalloos door een tunnel te rijden. De natuur als voorbeeld van hoe het moet. In 3,8 miljard jaar hebben alle dieren en planten om ons heen uitgevonden wat werkt, wat relevant is, en bovenal, wat nodig is om te overleven. De leeftijd van de aarde was tijdens de Dutch Design Weken in Eindhoven weergeven als een jaarkalender, de mens komt daarin pas op het laatste moment tevoorschijn, op 31 december om vijf voor twaalf. Onze positie is bescheiden, de natuur heeft de antwoorden; we moeten alleen anders leren kijken.
Het zijn gedachten waar we in deze kersttijd wat langer stil bij kunnen staan. Dat lukt juist als we het begrip tijd loslaten. Het leven wat ertoe doet, speelt zich niet af volgens de kille kloktijd, maar in de momenten van aandacht en ontmoeting, tussen de ankerpunten van ons sociale leven. Rituelen, zoals het kerstfeest, geven structuur aan de tijd en maken het mogelijk om stil te staan bij wat echt belangrijk is. Zonder rituelen kunnen we geen tijd maken. Antoine de Saint-Exupéry schreef over de tijd: "Tijd moet een huis zijn om in te wonen. Feesten zijn de kamers, die structuur geven. Zonder deze halteplaatsen stroomt de tijd vormeloos weg, als zand door je vingers". Feesten, zoals de kerstdagen, onderbreken de alledaagse tijd. We maken tijd om onze basiswaarden te uiten, voor een aantal van ons zijn die religieus van aard. De kersttijd is een goede mogelijkheid om even afstand te nemen, samen te zijn met familie en vrienden, te reflecteren op de basiswaarde van Dr. Venkataswamy, oprichter van Aravind, “Je intelligentie en je vermogens zijn niet voldoende. Juist het plezier om er iets moois van te maken, moet er zijn.”
zondag, februari 14, 2010
YELLOW SUBMARINE
Het Keescafe is dezer dagen eventjes in carnavalssferen.
We lieten ons inspireren door stimulerende muziek uit de jeugdjaren.
In de stad waar ik ben geboren,
leven een aantal vrienden
Met wie we samen al jaren carnaval vieren,
enkele dagen onder duiken in het feest,
Zo doken we dit jaar de café’s weer in,
tot we de sfeer weer proefden,
in de polonaise door de drukte heen,
In onze yellow submarine,
We all live in yellow submarine,
yellow submarine, yellow submarine,
We all live in yellow submarine,
yellow submarine, yellow submarine.
carnavalsmaten aan boord,
andere vrienden buiten in de deinende massa,
en de carnavalsband die begint te spelen.
We all live in yellow submarine,
yellow submarine, yellow submarine,
We all live in yellow submarine,
yellow submarine, yellow submarine.
zondag, december 20, 2009
AUTHENTIEK
Afgelopen jaar stonden zowel kleurrijke als minder opvallende personen in de schijnwerpers, zoals Ramses Shaffy, Susan Boyle en Robert Enke. In deze eindejaarstijd, een periode van reflectie kunnen we veel van hen leren. We leven in een tijd waarin spiritualiteit en authenticiteit belangrijker worden; de kleur paars, symbool voor spiritualiteit, is niet voor niets in de mode. Er is behoefte aan puurheid en echtheid, aan het doorbreken van façades van glitter en glamour, ‘back to basic’.
In Nederland kunnen we, met dat vaak grijze weer, wel wat kleurrijke personen gebruiken. Ramses Shaffy, koos zijn eigen pad en bleef tot het einde toe zichzelf, geliefd bij velen. Altijd rebel gebleven, de regisseur van zijn eigen leven, vol optimisme en eigenzinnigheid.
Susan Boyle, grijzer dan de meest grijze muis wist met haar zuivere stem binnen twee seconden wereldwijd miljoenen te raken via Britain’s got's Talent. Ze bewees dat je door jezelf te zijn en je talent te tonen kunt stralen, ongeacht uiterlijk of achtergrond.
Robert Enke, doelman van Hannover 96, worstelde met angst en depressie en beroofde zichzelf van het leven. Zijn levensverhaal laat zien dat achter populariteit en succes ook eenzaamheid en wanhoop kan schuilgaan. De was angstig voor tegenslagen en angstig voor de openbaring over zijn angst. Door de openheid van zijn vrouw Teresa werd het taboe rond psychische problemen doorbroken. Wie zijn angst laat zien, raakt verlost van de druk om altijd maar te presteren, bleek ineens niet zwak, maar sterk.
De eigenschappen van Ramses Shaffy, Susan Boyle en Robert Enke komen tezamen in de hoofdpersoon van de film As it is in heaven van de regisseur Kay Pollak. Een film over een zieke dirigent Daniël Daréus, die gewone mensen leert hun eigen stem te vinden en zichzelf durven te zijn. De perfecte harmonie ontstaat pas als alle koorleden authentiek durven te zijn. De kerstperiode is voor velen van ons een mogelijkheid om even afstand te nemen, samen te zijn met familie en vrienden, te reflecteren en te beseffen dat het belangrijk is ruimte te maken voor verbinding. De authenticiteit herwaarderen, zijn wie je écht bent.
Besef echter dat één op de drie Nederlanders zich eenzaam voelt in wat heet een samenleving te zijn. Alleen is maar alleen, terwijl we zo graag de ruimte vinden om onszelf te zijn en onze gevoelens te tonen. Je thuis te voelen, in een stal of gewoon in onze eigen samenleving. Te worden wie we echt zijn.
vrijdag, december 11, 2009
DOORGAAN
Met de opdracht om een ‘droomcollege’ te geven, stap ik het universiteitsterrein op. In een kil vormgegeven collegezaal met zo'n honderd jonge merendeels vrouwelijke studenten is het lastig om weg te dromen. De studenten zijn inmiddels gewend aan het zo efficiënt mogelijk doorlopen van hun studieblokken. Op "Blackboard", hun ondersteunend computersysteem, is voor hen alles terug te vinden, van hun werkgroepenagenda tot opnames van gemiste colleges. Met je hoogstnoodzakelijke bijbaantje heb je niet de tijd alle colleges te volgen. Even thuis multi-tasken, sms’en met het vriendje, face-boeken, gamen en nog even tussendoor het college downloaden. Altijd maar doorgaan, altijd vooruit willen.
Toch voelt het als hard fietsen en geen meter vooruitkomen. Buiten fietsen in de frisse lucht heeft dan mijn voorkeur tot het regende dat het goot, eindelijk kreeg mijn vrouw me toch haar sportschool in. Met mijn vaste fietsroute in gedachten, een flesje water onder bereik, was het op de hometrainer zweten tussen de kletsende hardloopsters, de "spinnende" fietsgroep en de spier masserende kopieën van de Gooise vrouwen. Altijd maar doorgaan en geen echte meter vooruitkomen Terwijl buiten de regen tegen het raam kletterde, zie ik voor het eerst 400 calorieën uit mijn lichaam wegvloeien.
Het grijze Nederland kan zeker buiten de zomerperiode wel wat kleur gebruiken. Kleurrijke figuren zijn zeldzaam in het Hollands landschap, als ze er zijn komen ze van buiten, zoals Ramses Shaffy, een geadopteerde allochtoon. Iemand die altijd zijn eigen weg koos, bemind door bijna iedere Amsterdammer. Tot het einde toe bleef hij dronken, stoned of nuchter, gewoon doorgaan. Met een optimistische blik, gewoon altijd maar doorgaan. Altijd rebel gebleven, soms zonder zichtbaar verder te komen, zo leek het, maar wel intens geleefd.
dinsdag, december 01, 2009
DE RODE LOPER
In Nederland is de diploma-uitreiking vaak verworden tot een administratieve activiteit met soms een klein woordje in een anonieme ruimte, zonder veel ceremonie en feestelijkheid. In Engeland gaat alles nog in traditionele stijl. De tweeduizend aanwezigen op de diploma ceremonie van een Londense universiteit worden ontvangen met hoornblazers, afgestudeerden in toga met petje, in alle kleuren van de regenboog uitgedoste hoogleraren en hoogwaardigheidsbekleders in toga’s behangen met grote metalen plakkaten completeren het middeleeuws tafereel. De rode loper ligt gedrapeerd voor hen uit, één voor één lopen de geslaagden eroverheen om door de rector met een handdruk persoonlijk gefeliciteerd te worden. Zelfs mijn lange zoon is onder de indruk van zijn korte loopje over de rode loper, de afsluiting van zijn onderwijstijd.
De entertainment sector begrijpt als geen ander het effect van glitter en glamour. Bij een Europese première van de musical over Elvis, dé icoon van de rock and roll, glimde het allemaal nog een stapje meer. Gillende meisjes voor het theater, glimmende motoren, flitsende camera’s en een uitnodiging in de hand sta ik aan het begin van de rode loper. Niet bekend met de inhoud van de roddelbladen, nooit kijkend naar RTL Boulevard zijn cast en genodigden mij onbekend. Zij stralen in de hun eigen glamourwereld, mijn parade over de loper voelt als een figurant in de verkeerde film.
Vroeger leerden meisjes bij het vak huishouding alle technieken van borduren, een vak waarmee zij later in hun onderhoud konden voorzien. Van een simpel steekje om een bandje op een stofje te zetten, tot zeer complexe creaties van diverse kleuren en stoffen. Hun werkstukken werden op het eind van de opleiding gebundeld tot een meterslange ‘pronkrol’ als proeve van bekwaamheid. Deze loper, van de simpele start tot het schitterend einde, toonde hun “souvenirs de ma jeunesse”. Zij moesten zélf hun loper maken, wie het in de wereld gemaakt heeft mag over een rode loper paraderen, maar hun “jeunesse” is dan vaak allang voorbij.
vrijdag, november 20, 2009
FAALANGST
Opeens lijkt de aanval op de wereldwijde prestatiecultuur van alle kanten te zijn geopend. Kranten, tijdschriften, boeken en televisie besteden volop aandacht aan de angst om fouten te maken. Mensen willen laten zien waar ze goed in zijn en proberen fouten te vermijden, terwijl onderzoek aantoont dat je juist het meest leert van fouten en hierdoor innovatiever wordt. Het taboe rond fouten en de angst om te falen moet doorbroken worden, want deze remt creativiteit en innovatie en staat uiteindelijk succes in de weg.
In het voetbal, waar fans succes adoreren en verlies negeren, klonk deze week een andere toon in Duitsland. Bij overwinningen staan voetballers in het middelpunt van de aandacht, maar bij tegenslagen worden ze verguist en geïsoleerd. Achter populariteit en succes kunnen echter ook eenzaamheid en wanhoop schuilgaan. Als doelman heb je slechts één kans op selectie: je staat tussen de palen, of je staat er niet. Het vergt veel om met die druk te leven. Dat werd pijnlijk duidelijk tijdens de indrukwekkende begrafenis van Robert Enke, doelman van Hannover 96 en het Duitse nationale elftal. De rechtstreekse uitzending op ARD liet zien hoe zijn weduwe, teamgenoten en tienduizenden toeschouwers met behulp van inspirerende sprekers op grootse wijze afscheid van hem namen. Ze maakten tegelijkertijd een krachtig statement over de worsteling van de mens met faalangst. Enke ontnam zichzelf uiteindelijk het leven, gekweld door angst voor tegenslagen en voor de onthulling van zijn eigen angst.
Elke dag stappen vier mensen uit het leven, maar daar wordt in het openbaar nauwelijks over gesproken. Op stations wordt alleen omgeroepen dat een trein een persoon heeft aangereden; flinke vertraging, maar de ware reden blijft onbesproken. Teresa, Enkes dappere weduwe, was vanaf het eerste moment open over de oorzaak van zijn dood en maakte zelfmoord bespreekbaar. Door haar openheid leek een hele natie verlost van de druk om altijd te moeten presteren. Ze gaf jong en oud de kans om bij elkaar de kracht te vinden hun eigen angstgevoelens te uiten. Wie zijn angst laat zien, wordt opeens niet als zwak beschouwd, maar juist als sterk. Het omgaan met tegenslagen blijkt uiteindelijk meer bij het leven te horen dan het genieten van prestaties.
vrijdag, november 13, 2009
STEDEN
Back to basic, terug hoe het eens was. Wonen, werken, vrijen en ander vertier, alles gemixed in een beperkte ruimte. Weg met de concentraties van kille, glazen kantoren in aparte kantoorwijken, winkels in aparte shopping malls en wonen apart in ver afgelegen sub-urbs. Liever het levendige Greenwich village van New York dan uitgestrekte resorts van Los Angeles. Liever flirten op straat op weg van huis naar werk dan vastzitten in de file op brede uitvalswegen. Even dat non-verbale contact, die oogopslag, dat quasi toevallige lichamelijke contactmoment.
San Francisco is zo’n stad waar trends gemaakt worden. De overwegend lage, compacte binnenstad zorgt voor een warme, menselijke omarming. De verlaten pier oogt koud en zakelijk, geeft wel een wijds gevoel, maar de meeste mensen vermaken zich niet op zo’n vlakte. De ene dag is de pier leeg en verlaten, de andere dag overvol met talloze kraampjes met allerlei milieuvriendelijke groenten, organic is overal dé kreet. De aloude kraam als alternatief voor de winkel vol bling bling. De op houtvuur gebrande amandelen als alternatief voor een big Mac. Back to basic, de mens als een natuurlijk etend kudde dier.
De voordelen van de traditionele Europese binnenstad zijn evident, een natuurlijke levenswijze waar de zaterdagmiddag vol is met shoppende mensen. Winkelen als fun activiteit. Boven zo’n winkel woonde mijn oma, een ideale ‘spot’ plek om risicoloos de voorbij kuierende mensenstroom te bespioneren: zeurende kinderen, vrouwen in bontjassen, meisjes in hotpants, jongens in strakke spijkerbroeken en vriendjes die flirtten met steeds andere vriendinnetjes. De hele dag gewoon naar mensen kijken. De bewoners verdwenen uit de stad, maar de bovenwoningen zijn inmiddels weer erg in trek. We gaan de bovenwoning weer bewoonbaar maken, terug naar dat basic gevoel van samenleven.
zaterdag, november 07, 2009
BRUSSEL
Brussel, ooit bezongen door Jacques Brel als een bruisende stad, vrije en vrolijke stad is door de jaren heen sterk veranderd. Toen wilde Brussel, eens de hoofdstad van de lage landen, al modern en internationaal zijn. Thans strijkt de Europese top uit alle EU-landen met grote regelmaat neer in de hoofdstad van Europa. Dat doet de stad veranderen, tot een intercultureel epicentrum. Brussel is een smeltkroes van culturen en identiteiten, een ‘grootstad’ met meer dan 180 nationaliteiten, waar culturen en gemeenschappen samenleven. Al blijft Frans de voertaal en is menig Brusselaar begiftigt met een stedelijke francofone arrogantie, verandering is op til. De uitdijende Vlaamse economische macht is voelbaar, zowel op de terrassen van de Grote Markt als op het Brouckèreplein.
Verandering is niet iets wat iedereen aanspreekt. Gelukkig zijn er van die activiteiten die zelden of nooit wijzigen, niet wat betreft tijdstip, niet wat betreft deelnemers, niet wat betreft regels. Alles op de routine. Jaar in jaar uit badmintonnen we met dezelfde mannen, met dezelfde regels. Alleen de locatie is in de afgelopen dertig jaar twee keer veranderd. Als hoge uitzondering spelen we deze woensdagavond in Brussel tegen een verzameling Waals en Vlaamssprekende badmintonners, een hogere zaal, andere mensen en andere regels. Want al was de puntentelling bij badminton al jaren geleden veranderd, niet bij ons, wij telden nog gewoon tot één en twintig in plaats van modern tot vijftien. Waarom zouden we.
Regeringsleider zijn is een hectische maar ook bevoorrechte job. Na een aantal jaren in de nationale schijnwerpers te hebben gestaan en met je internationale collega’s intensief te hebben opgetrokken, gaat er toch iets knagen. Inmiddels is Balkende op basis van zijn jarenlange ervaring een gerespecteerd collega geworden tussen zijn internationale vrienden, wordt geconsulteerd over de grote wereldvraagstukken. Thuisgekomen uit Brussel liggen de Kamervragen met futiliteiten uit één of ander gehucht op hem te wachten. Dan liever een bruisende baan, vrij en vrolijk in Brussel. Of is Nederland nog niet toe aan a change? Yes, we can, of kan het nie?
maandag, oktober 26, 2009
BREIN
Het brein is tegenwoordig een trendy onderwerp. In een volle zaal geeft een professor een lezing over onze hersenen. Een robotarm kan al een bal vangen, zo ver zijn ze al. En van balletjes vangen word je ook vanzelf slimmer. De NRC meldde namelijk in haar wetenschapsbijlage dat je al slimmer wordt na een week of zes jongleren. De witte stof, die noodzakelijk is voor het transport van informatie in het brein, wordt dan structureel uitgebreid. Denken en doen blijken meer met elkaar verbonden te zijn dan we eerder dachten.
Een lange vliegreis is een ideaal moment om me te verdiepen in een nieuw tijdschrift (Mind magazine, oktober 2009). Dit keer is het menselijk brein het onderwerp van aandacht. Naast e-learning blijkt er ook zoiets als embodied learning te bestaan, waarbij je sneller leert door de associatie van woorden met gevoelens. Mannen tonen echter minder gevoelens dan vrouwen. Vrouwen besteden bijvoorbeeld drie keer zoveel woorden aan gedachten en emoties als mannen. De verklaring lijkt simpel: mannen hebben geen bruisend gevoelsleven. Ze combineren taal daarom eerder met krachtsinspanningen dan met gevoelens. Omdat ze hun spieren gebruiken om betekenissen te onthouden, willen ze later nog steeds gemakkelijker dan vrouwen hun handen gebruiken wanneer ze iets willen uitleggen.
Een populair blad met een wetenschappelijke inslag gaat vaak verder dan een diepgravend betoog van een echte wetenschapper. Vermaak en wetenschap komen steeds meer naar elkaar toe. Met leuke performers probeert men congressen op te leuken; ze maken het ons brein makkelijker om informatie op te nemen. Nog even en professoren zullen zelf performers worden die hun act combineren met een wetenschappelijke boodschap. Deze week was er zelfs het eerste internationale lachcongres voor clowns. De symbiose is al begonnen, het moet niet veel gekker worden in het wetenschappelijk brein.